05.12.2021

Tentoonstelling: “Een Stille Ontbinding” — Luz De Luna Gallery, Hofwijckplein 2, 2515 RJ, Den Haag, Nederland. 3 december 2021 – 15 januari 2022. Gepresenteerd in samenwerking met het online platform Kunstkompas.
In de gedempte, contemplatieve ruimte van de Luz De Luna Gallery in Den Haag hangen twee tekeningen naast elkaar: bijna identiek, bijna verdwenen. De tentoonstelling Een Stille Ontbinding brengt deze twee fragiele werken van Volodymyr Yushchenko samen, wiens praktijk zich ontvouwt in het smalle interval tussen zien en verdwijnen. De muren zijn wit, de lucht stil, het licht noordelijk en traag. Het ene gezicht lijkt uit adem te ontstaan; het andere trekt zich erin terug. Tussen hen strekt zich een geladen tussenruimte uit — een stilte niet van afwezigheid, maar van volharding.
Elke tekening bestaat uit talloze doorschijnende lagen kleurpotlood, zo delicaat aangebracht dat pigment atmosfeer wordt. In de ene vormen bleke tinten van roos en oker het spook van een gezicht; in de andere krijgt datzelfde gelaat iets meer focus, de blauwe ogen concentreren de waarneming als een lichtpuls. Samen vormen ze een tweeluik van verschijnen en verdwijnen, een oscillatie die het kijken verandert in een ethische daad. Wanneer de toeschouwer dichterbij leunt, verzet het beeld zich tegen scherpstelling. Wat men ontmoet is geen afbeelding maar trilling — het fragiele voortbestaan van de waarneming zelf.
De terughoudendheid van Yushchenko’s techniek is onlosmakelijk verbonden met haar morele ernst. Zijn weigering van dichtheid of nadruk verbeeldt een ethiek van zorg. In een cultuur die geobsedeerd is door blootstelling, waarin het gezicht de meest verhandelde oppervlakte is geworden, herwinnen deze vage tekeningen het recht op ondoorzichtigheid. Ze fluisteren wat vergeten is: dat zacht waarnemen een vorm van verzet is. Zoals Mieke Bal schreef, kan het beeld een “gebeurtenis van affectieve wederkerigheid” zijn, die slechts bestaat door de ethische aandacht van de kijker. Hier wordt het kijken een vorm van deelname. Hoe langer men voor het papier blijft staan, hoe duidelijker wordt dat tederheid zelf tot methode is geworden.
De smalle muur tussen de twee tekeningen is niet leeg. Zij is de plaats van hun relatie, de ruimte waarin verdwijnen zichtbaar wordt. Binnen dit kleine interval ademt de tentoonstelling. Het licht beweegt langzaam over het papier, stof zweeft, schaduwen veranderen. De werken lijken de lucht van de kamer in te ademen. De pigmenten, opgehangen in de vezels van het papier, reageren op nabijheid — op de lichte warmte van menselijke aanwezigheid. Wat hier plaatsvindt is geen representatie maar gedeelde duur, een breekbare gemeenschap tussen beeld en blik.
Hoewel het onderwerp op een kind kan lijken, weigeren de tekeningen individualiteit. Het gezicht wordt elementair, een drempel tussen zichtbaarheid en haar verlies. Het persoonlijke lost op in atmosfeer, het lichaam in weer. Men zou kunnen zeggen dat Yushchenko het klimaat van tederheid zelf schildert: een licht, diffuus mededogen dat zweeft tussen het intieme en het abstracte. In zijn terughoudendheid herinnert het werk aan de stille innerlijkheid van de noordelijke schilderkunst, van Vermeers trage licht tot de melancholische precisie van Bas Jan Ader. Toch is de stilte hier niet huiselijk, maar existentieel. Het Nederlandse licht dat ooit de zekerheid van oppervlakken verlichtte, onthult nu de breekbaarheid van het zijn.
Wat Een Stille Ontbinding uiteindelijk toont, is niet het verdwijnen van het beeld, maar de transformatie ervan in aandacht. In de digitale conditie betekent vervagen verloren gaan; voor Yushchenko betekent vervagen volharden. De vage lijn wordt een daad van waardigheid — een weigering van spektakel, een gebaar van overleving door terugtrekking. Zoals Hubert Damisch ooit opmerkte, is de getekende lijn een gedachte die denkt door te verdwijnen. Yushchenko’s tekeningen belichamen deze paradox volledig. Hun bijna-wissing is geen falen maar filosofie: een manier van weten door tederheid.
Wie voor deze twee gezichten staat, ervaart een soort ademende stilte, een traagheid die de waarneming zelf waardigheid verleent. De werken vragen niet om begrepen te worden maar om bij aanwezig te zijn. Hun breekbaarheid stelt niet gerust; zij dwingt. Uiteindelijk beseft men dat A Quiet Dissolution helemaal niet over verdwijnen gaat, maar over blijven — over het delicate, volhardende werk van zien wanneer niets meer gezien wil worden. In die stille volharding vindt de tentoonstelling haar waarheid: dat werkelijk kijken betekent loslaten.

Wie Yushchenko’s eerdere fotografische werk uit 2015 herinnert — vooral Middaglicht, Kiev en zijn analoge interieurs — herkent de continuïteit. Toen al hield hij zich bezig met de nasleep van aanwezigheid: het residu van menselijk leven dat achterblijft in een leeg café, een jas aan de muur, een kop in het middaglicht. Die foto’s, doordrenkt van het trage melancholische licht van vertrek, vertaalden tederheid in architectuur. De huidige tekeningen richten dat onderzoek naar binnen, veranderen ruimte in vlees, kamer in gezicht. Waar de vroegere werken de stilte van de wereld na een vertrek documenteerden, bewonen deze tekeningen de stilte van het zijn zelf — het moment vóór het verdwijnen, wanneer bestaan trilt maar blijft voortduren. Dezelfde ethiek van waarneming die eens zijn lens bepaalde, stuurt nu zijn hand: een toewijding aan het breekbare, het vage, het bijna verdwenen als de laatste plaats van waarheid.
Magali Reus
Magali Reus (geb. 1981, Den Haag) is een kunstenaar en schrijver die studeerde aan Goldsmiths, University of London, en de Rijksakademie in Amsterdam. Van 2015 tot 2019 schreef ze voor het Nederlandse kunsttijdschrift Name One en sinds 2020 werkt ze voor Kunst Kompas.
Reus woont en werkt in Londen. In 2015 won ze de Prix de Rome en werd ze in 2018 genomineerd voor de Hepworth Prize for Sculpture.



